
Wetboek van Militair Strafrecht
Artikel 65
[1.] Krijgsgevangenen en geïnterneerde personen die ingevolge artikel 4, onder B, van het Verdrag van Genève betreffende de behandeling van krijgsgevangenen, van 12 augustus 1949 als krijgsgevangenen moeten worden behandeld, daaronder begrepen degenen die onder belofte of voorwaarde zijn vrijgelaten, worden, met inachtneming van de door hen beklede rang, gelijkgesteld met Nederlandse militairen ten aanzien van door hen begane strafbare feiten, waartegen is voorzien bij het gemene recht, bij artikel 80 of bij de titels IV-VI en VIII-XI van het tweede boek van dit wetboek, met uitzondering van de artikelen 159-162. Geïnterneerde vreemde militairen die krachtens beschikking van het bevoegd Nederlands gezag andere vreemde militairen onder hun bevelen hebben, worden ten aanzien van hun verhouding tot die andere personen, met inachtneming van de door hen beklede rang gelijkgesteld met Nederlandse militairen.
[2.] Zij worden geacht tot dat deel van de krijgsmacht te behoren, onder welks bewaring zij zich bevinden.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.